Ondertussen in Amerika

Railroad workers do not receive paid sick days and are punished for taking time off. Carriers have said that their attendance policies are necessary to keep the rail lines staffed, and that they allow workers to take time off when needed, by using paid vacation time.

Dat is uit een artikel in de Washington Post.

Ook nog:

The U.S. Chamber of Congress and some 400 business groups, representing a wide range of industries, from meatpackers to jewelers, sent a letter to Congress on Monday saying the looming rail strike is of “grave urgency.” … “A stoppage of rail service for any duration would be extremely damaging to American families and our economy, costing $2 billion dollars per day,” the letter said.

President Biden probeert een aangekondigde staking af te wenden door het Congres op te roepen een wetgeving goed te keuren die een eerder gesloten akkoord zou bekrachtigen. De spoorwegvakbonden wezen dat akkoord af, onder meer omdat er geen betaalde ziektedagen in opgenomen waren.


Zondagse gevarieerde links


Zaterdag quote

When millions of people produce goods for each other’s use, they must have some way of notifying each other of their desires. Moreover, people’s desires and preferences are fluctuating, complex and delicate. James Joyce could have filled a fat volume in describing the half-formed inclinations in the mind of a woman setting out on a shopping expedition. No words could completely define her potential desires. Consumers cannot therefore be expected to present shopkeepers with an adequate psychological analysis of their needs. Money comes to their rescue. Their offer to buy certain things at certain prices completely reveals what they have in mind.

Michael Polanyi (1951). The Logic of Liberty, p 139

Luid en duidelijk: Pensioensparen levert niets op

Achteraf bekeken was dat [wettelijk pensioensparen] een slechte beslissing. Over de jaren wordt het fiscale voordeel volledig opgegeten door de bank of de verzekeraar, en uiteindelijk leg je er zelfs op toe. Het is verstandiger om de belastingen te betalen en het resterende bedrag in een passief indexfonds te beleggen zonder fiscaal voordeel.

Dat is hoogleraar economie Gert Peersman van UGent in De Standaard.

Eindelijk een neutrale en gezagvolle stem die het zegt (misschien heb ik er andere gemist): het wettelijk pensioensparen dat ons wordt aangeprezen door banken, verzekeringsmaatschappijen en de overheid levert niets op.

Ik had graag Peersman zijn excel gezien. Maar je voelt aan je ellebogen dat het klopt.

Beleggingstip: Als banken of verzekeringsmaatschappijen iets aanraden, dan proberen ze je iets te verkopen waarop zij verdienen. Niet doen zal vaak een juiste beslissing zijn.

Anekdote: Begin augustus werd een 83-jarige kennis door haar bank opgebeld in het rusthuis. Of ze het geld van de verkoop van haar huis niet beter zou beleggen, bijvoorbeeld in fondsen waar aandelen in zaten, met de inflatie en zo. Letterlijke quote: “Aandelen staan nu heel laag. Wij noemen het hier solden.” Ik denk dat dat telefoongesprek onwettelijk was; het was alleszins onethisch. BEL20 van half augustus tot nu: -5.5%. Some solden!

Disclosure: Ik doe ook aan wettelijk pensioensparen, omdat ik anders niet de discipline zou hebben om gespreid te beleggen (over verschillende belegginsmiddelen en doorheen de tijd).


West-Afrikaanse Megalopolis: 1,000 km die het aanzien van de 21ste eeuw zullen bepalen

De demografische evolutie in Afrika is een van de belangrijkste (historische, geopolitieke, klimaat) megatrends die we deze eeuw meemaken, maar hij blijft onderbelicht.

De cijfers zijn duizelingwekkend. Van de huidige 1,4 miljard mensen, 17 procent van de wereldbevolking, groeit het continent naar 2.5 miljard mensen in 2050 en bijna 4 miljard tegen 2100, 40 procent van de wereldbevolking. Volgens sommige projecties zou Nigeria zijn bevolking tegen het einde van deze eeuw bijna zien verviervoudigen, van 206 miljoen naar 790 miljoen. Het zou daarmee het tweede grootste land ter wereld worden, na Indië (1.1 miljard).

De Amerikaanse journalist en auteur van boeken over Afrika en China Howard French publiceerde recent in The Guardian een fascinerende reportage over een stuk van Afrika dat voorop zal lopen in deze demografische revolutie: een strook van ongeveer 1,000 km langs de kust van West-Afrika, van Abidjan, de economische hoofdstad van Côte d’Ivoire, tot de Nigeriaanse hoofdstad Lagos. De strook is op weg om een Megalopolis te worden, een cluster van stilaan aaneengroeiende grootsteden.

Abidjan - Lagos

De Afrikaanse bevolkingsgroei zal immers vooral een stedelijke explosie zijn. Lagos en Abidjan zijn vandaag al miljoenensteden. Met respectievelijk 12 miljoen en 6.3 miljoen inwoners (volgens conservatieve schattingen) zijn ze groter dan of bijna even groot als New York (8.5 miljoen). Tegen het einde van deze eeuw zou de West-Afrikaanse Megalopolis een half miljard mensen tellen, een van de grootste en dichtste concentraties van mensen ter wereld.

Voor zijn reportage sprak French met experten en vertelt hij hoe snel hij het landschap en de steden zag veranderen tijdens trips tussen Abidjan en Lagos over de jaren heen.

Het is een verhaal “half hopefully striving, half congealed in poverty“.

In een vergelijking met hoe Chinese steden gegroeid zijn, vindt French dat “the region’s governments are setting their sights far too low to address the sweeping demographic and social changes on their way“.

De vergelijking met China is niet helemaal fair. In China werd de urbanisatie in grote mate geleid door een gecentraliseerde overheid. De toekomstige Megalopolis loopt door vijf landen met heel verschillende economische, politieke en historische achtergronden. Ivoorkust, Benin en Togo zijn voormalige Franse kolonies. Nigeria en Ghana waren Engels.

French observeert dat het gebrek aan planning in de urbanisatie nu al tot chaos leidt en vreest voor de toekomst. Maar was de groei tot miljoenensteden van Londen, Manchester of Birmingham in de 19de eeuw dan een voorbeeld van planmatige urbanisatie?

Er zijn wel tekenen van ambitie en samenwerking. In mei van dit jaar maakte de African Development Bank bekend dat ze 15,6 miljard dollar investeert in de West African Highway, van Lagos naar Abidjan. (Tip voor klimaatactivisten: maak nu al een plan om je te gaan vastplakken aan de tientallen diesel- en benzinestations langs die highway)

Maar de verschillende achtergrond zal de gezamenlijke groei van de West-Afrikaanse Megalopolis toch blijven belemmeren. Een zakenman uit het kleine buurland van Nigeria Benin, waar Frans de officiële taal is, vertelt French dat er nauwelijks relaties zijn met mensen of bedrijven in Nigeria. “With Nigeria next door, what we should have done long ago is make English a compulsory second language in school, but no one has ever thought of that.”

Lees de volledige reportage. Bijzonder goed geschreven ook. French’ andere reportages en essays, over onder meer Afrika, China en Rusland zijn ook zeer de moeite.


Vierkantswortelherstel na corona

Het is nog even afwachten hoe zwaar de impact zal zijn van de energiecrisis op de economische groei. Maar de klap van de coronacrisis zijn veel landen toch redelijk te boven gekomen. Een flash-impact van corona werd gevolgd door een vierkantswortel-herstel: de groei na de impact van corona pikte min of meer weer aan bij de trend sinds 2016.

gdp growth 2016-2022
Bron: Oeso. Quarterly GDP Volume index, Q1 2016 – Q3 2022
  • Voor de VS en voor Nederland is dat zeker het geval
  • Duitsland en Groot-Brittannië presteren ondermaats, en blijven onder hun trendgroei van vóór corona
  • Italië, dat na Groot-Brittannië de zwaarste klap kreeg in corona, zat eigenlijk al in stagnatie sinds einde 2017
  • België zit net iets boven het indexcijfer van de EU19, en moet enkel de VS en Nederland laten voorgaan. Maar het blijft toch een stuk onder de trendgroei sinds 2016 en sinds begin dit jaar zwakt de kwartaalgroei af

Zaterdag quote

The wonder was, it [Coketown, a town of red bricks but blackened by smoke and ashes] was there at all. It had been ruined so often, that it was amazing how it had borne so many shocks. Surely there never was such fragile china-ware as that of which the millers of Coketown were made. … They were ruined when they were required to send labouring children to school; they were ruined when inspectors were appointed to look into their works; they were ruined, when such inspectors considered it doubtful whether they were quite justified in chopping people up with their machinery; they were utterly undone, when it was hinted that perhaps they need not always make quite so much smoke. … Whenever a Coketowner felt he was ill-used – that is to say, whenever he was not left entirely alone, and it was proposed to hold him accountable for the consequences of any of his acts – he was sure to come out with the awful menace, that he would ‘sooner pitch his property into the Atlantic.’ This had terrified the Home Secretary within an inch of his life, on several occasions.
However, the Coketowners were so patriotic after all, that they never had pitched their property into the Atlantic yet, but, on the contrary, had been kind enough to take mighty good care of it. So there it was, in the haze yonder; and it increased and multiplied.

Charles Dickens (1854). Hard Times, Book The Second, Chapter 1

*The Dawn of Eurasia. On the Trail of the New World Order*

De voorbije weken gretig en soms met rillingen herlezen. In het jaar van publicatie, 2018, vond ik dat het het boek was dat mijn denken over geopolitiek het meest beïnvloed had. Niet dat er zoveel denken was geweest. Geopolitiek stond niet echt op de radar. En ik was daar niet alleen in, zo zou blijken.

De aanleiding om te herlezen was dubbel: een trip naar Tbilisi, de hoofdstad van Georgië, zou me naar het grensgebied tussen Europa en Azië brengen; en de recente gebeurtenissen in Oekraïne.

De gebeurtenissen sinds de publicatie van het boek lijken het verhaal van Maçães te hebben ingehaald. Lijken, want, en vandaar de rillingen, het boek leest vandaag vaak met een bijna akelige precisie en detail alsof het een analyse is van de huidige actualiteit.

The Dawn of Eurasia biedt in 2022 duidelijker en scherper nog dan in 2018 broodnodige context voor de grote Veranderingen en Gebeurtenissen die we meemaken. We moeten opletten met hoofdletters, ik weet het. Maar de mate van onzekerheid en vooral de kans op escalatie zijn al lang niet zo groot, zo dicht bij huis en zo complex geweest. De Britse historicus en essayist Adam Tooze, die zijn loopbaan is begonnen met de studie van de Nazi-economie en de Tweede Wereldoorlog, noemde de huidige crisis vorige week in de Financial Times een polycrisis, waarin heel verschillende schokken op elkaar inwerken zodat het geheel erger is dan de som van de delen.

Het boek is een geopolitiek essay in de vorm van een reisverslag, of een reisverslag dat regelmatig halthoudt voor geopolitieke bedenkingen: “I use travel to provide an injection of reality to political, economic and historical analyses.” (p xix) De auteur, de Portugese ex-politicus en essayist Bruno Maçães, verweeft anekdotes met analyses, historische achtergrond met verwijzingen naar literatuur en filosofie, persoonlijke verhalen over politieke besprekingen op hoog niveau met citaten uit interviews met of artikels en toespraken van opiniemakers en politici (de vier pagina’s lange analyse (p 175-179) van een artikel van de Russische minister van Buitenlandse Zaken Lavrov uit 2016 is bijzonder verhelderend voor een begrip van de Russische motieven voor de oorlog in Oekraïne).

Het resultaat van dat weefwerk is een meeslepend en meesterlijk geschreven verhaal met literaire allures.

Voor de reis die Maçães deed om de historische en culturele grenzen tussen Europa en Azië te verkennen, stelde hij zich twee regels: geen vliegtuigen, en geen planning verder dan de huidige week. De reis duurde uiteindelijk zes maanden en bracht hem van Astrakhan in Rusland tot Khorgas, op de grens tussen China en Kazakhstan, via de langst mogelijke route, met onder meer de Caucasus, Armenië, Iran, Turkije, Azerbaijan, Vladivostok en China.

Het Eurazië dat Maçães ziet opdoemen, is in eerste instantie een historisch begrip. Het doel van zijn reis was te onderzoeken waar geschiedenis, cultuur, geografie, demografie, economie en politiek uit elkaar gegaan zijn en waar en onder welke omstandigheden ze weer kunnen samenkomen.

Seeing [als Staatssecretaris voor Europese Zaken in de Portugese regering in de periode van de eurocrisis, de eerste oorlog met Oekraïne en de aanloop naar Brexit] that so many of the most urgent questions affecting the European Union had to do with the interaction between the two continents and how the management of these interactions called for an enlarged perspective, I started to suspect history was increasingly leading us to a world where the border between Europe and Asia would disappear. The bookshops were full of books about Russia (usually its dangers), China (usually its miracles) and the European Union (usually its crises), but they considered them in isolation. I decided to investigate what you could learn about Russia, China and Europe if you considered them as part of the same system. (p xvii)

Dat system is Eurazië, de grootste landmassa op aarde. Neem er een kaart bij; je zal ze nodig hebben bij het lezen van het boek.

Het vervagen van de grenzen tussen Europa en Azië (waar liggen die trouwens?) en de stroom van goederen, mensen, energie en kennis die daarvan het gevolg is, bieden de context waarin we volgens Maçães de belangrijke en nog onopgeloste crisissen van de jongste tien jaar moeten begrijpen: energieveiligheid, Islamitisch radicalisme, Turkije dat zijn plaats zoekt, de vluchtelingencrisis, problemen met de globale waardeketens, Oekraïne.

The Dawn of Eurasia (2018) is in zekere zin het anti-The-End-of-History (1992) boek. Francis Fukuyama maakte de wereld eenvoudig: de val van de Sovjetunie betekende de universalisering van de westerse liberale democratie als uiteindelijke vorm van bestuur. Geopolitiek werd, in Europa alleszins, nagenoeg overbodig – one could say that geopolitical thinking in Europe is dead, particularly so in Germany (p 234) – of alleszins minder antagonistisch. Het was wachten tot de voormalige Sovjetunie en, waarom niet, China, zouden bezwijken voor de lokroep van de liberale democratie en haar weldaden.

Maçães waarschuwde al in 2018 (en vroeger, als politicus) dat dat een vergissing was.

Zoals voor Rusland: The model for relations between Brussels and Moscow adopted soon after the collapse of the Soviet Union seemed to assume that Russia would gradually converge towards European norms and values. It did not happen. (p 193)

Of voor Iran. Maçães beschrijft een ontmoeting met een Iraanse kunstenares in Teheran die met haar textielkunst een eigen vorm van protest maakt. Wij zien enkele jaren later beelden van protesterende Iraanse vrouwen en besluiten misschien dat zij willen verwestersen. Maar (t)o become modern is no longer equivalent to becoming Western. Talking to young Iranian artists, I learned one important lesson. While they were rebelling against the confined spaces of life in Tehran, they also insisted that they did not want to follow the same path as Europeans or Americans … Western modernity is for them just another form of tradition to be uprooted and overcome. (p 34-35)

Voor Rusland en voor China, elk weliswaar met verwante maar soms tegenstrijdige geopolitieke en economische doelen, is Eurazië de historische en onvermijdelijke fase na de voorbije eeuwen van Europees-Westerse dominantie, waarin (s)tates outside the core were faced with the choice of embracing European ideas and practice [the symbiosis of British commerce and French liberty, p 120] or being overrun by European civilization. (p 119)

Het dramatische effect van het concept van Eurazië als eengemaakte politieke ruimte kan moeilijk overschat worden. We (wij, Westerlingen) moeten afleren de wereld te wringen in categorieën van Europese historische ontwikkeling. Als Eurazië een opkomende politieke ruimte is, zal het er een zijn zonder Europese waarden en normen. Het is op dit ogenblik zelfs moeilijk te zien welke waarden en normen er dan wel zullen gelden. Voorlopig alleszins weinig of geen.

Net zomin zijn er al regels of organisatie voor die politieke ruimte. China, Rusland en, in mindere mate de Europese Unie, doen inspanningen. Maar “(t)he question of our time is how this unified space should be organized.” (p 9)

Dat was 2018. Ondertussen hebben we de (tweede) oorlog in Oekraïne, de energiecrisis die ermee samenhangt (en die in The Dawn of Eurasia al tot in detail wordt uitgetekend), en de oplopende spanning tussen China en de VS.

In een recente column voorspelt Maçães a world of intense geopolitical rivalry; a world without rules. The End of History lijkt heel veraf.

De prangende vraag, voor ons althans, is dan waar en hoe de Europese Unie zich in die nieuwe geopolitieke arena moet situeren. Nadat China (Chinese Dreams), Rusland (Russia Turns East) en Turkije (Eurasia Tunnel, met Turkije als het stuk op het schaakbord dat het meest mobiel is; het kan zoveel vakjes bewegen als het wil in welke richting ook, West, Oost, Noord, Zuid) aparte hoofdstukken hebben gekregen – elk op zich verplichte lectuur voor wie wil meepraten over geopolitiek en, zeg maar, Oekraïne – sluit het boek af met een hoofdstuk over de Europese Unie: The European Peninsula.

Neem een kaart. Wordt West-Europa als schiereiland van Eurazië een aanhangsel? Daarvoor is haar economische macht te groot. Rusland en China (en Turkije, Iran …) kunnen niet anders dan rekening houden met Europa. Maar hoe vertaalt die economische macht zich in politieke invloed?

Maçães heeft de Europese besluitvorming van binnenuit meegemaakt. Zijn oordeel is redelijk cassant. “The European Union is not meant to make political decisions. What it tries to do is develop a system of rules to be applied more or less autonomously to a highly complex political and social reality.” (p 228)

De EU is een algoritme, of een computer. Hij illustreert het met een ingewikkelde rekensom voor het herlocatiemechanisme van vluchtelingen die de uitkomst was van een Europese top in 2015 en waarmee de EU het vluchtelingenprobleem hoopte op te lossen. Dat was een algoritme, geen politieke besluitvorming.

De metafoor over de EU als een algoritme of een computer is krachtig. Het algoritme werkt naar behoren zolang de interne regels van het systeem dezelfde blijven en, dat is al wat moeilijker, zolang externe factoren ingecalculeerd waren. Maar wat als we, zoals Maçães beweert, in toenemende mate in een no rules wereld leven? Of als we ontdekken dat de regels die we intern hanteren, extern niet gelden?

De typisch Europese reactie maakte hij mee in een discussie met Duitse topambtenaren over Eurazië, die hij uitgebreid beschrijft. “Je kan de Chinese en Russische expansiedrang niet beantwoorden met een regel,” werpt hij hen voor. “Maar onze beschaving is gebouwd op regels,” is de reactie van de Duitse ambtenaren. “Dat is waar we voor staan.”

“Akkoord,” zegt Maçães. Maar “(t)he problem with the European Union is that it seems to assume that there is a neutral framework of rules, whereas the real issue is which rules will prevail, an issue that no rule can decide.” (p 235-236)

De uitweg die hij hen probeert aan te praten, is Eurazië als een krachtenveld, waarin enkel politieke macht en invloed de economische en politieke richting zullen bepalen. In plaats van de European way of doing things – co-operate, link, connect, all these verbs – bepleit Maçães een meer strategische en dus competitieve aanpak. We moeten meer denken in termen van politieke macht en invloed, van geopolitieke strategie dus, en minder in termen van (onze!) regels. (p 235)

Dat betekent evenwel geen terugkeer naar het oude Europese dominantiedenken, maar een realisatie dat Europa een van de polen in het multipolaire Euraziatische krachtenveld moet worden. “It [Europe] must learn to project its influence eastwards, not as the prophet of a world civilization, but as a Eurasian power.” (p 241)

Waarom? Omdat er anders niet veel meer te doen is.

In een typische gedachtenkronkel, die leidt van de realisatie dat hij zijn gsm-klok niet heeft aangepast aan een recente Turkse regeringsbeslissing die het Turkse uur dichter bij Moskou en verder van Brussel bracht, en dat hij daardoor te laat kwam op een interview met een Turkse opiniemaker, over inzichten van Hegel, Mill en Nietzsche over tijd en geschiedenis, landt Maçães op een filosofisch-historische vaststelling over Europa, die zeker ook een psychologische diagnose is.

The main problem of those who come first [Europa dus] is that they reach the end of their time before everyone else, and Europe began soon to look with thinly disguised envy at those who still had a great task ahead of them, while Europeans, having completed it, had nothing left to do. (p 224)

De computermetafoor geeft ook context aan Brexit, dat zich afspeelde terwijl het boek geschreven werd. Take Back Control, de buitengewoon krachtige slogan waarmee het Leave kamp het referendum won, was alsof enkele passagiers van een autonoom computergestuurd voertuig plots beslisten het stuur over te nemen. Een interne bug. Remain antwoordde met economische argumenten: de EU was de beste deal. Maar was dat wel zo? “Was anyone actually testing and evaluating EU economic policy? And if so, could we trust them to do the right thing? These were valid concerns.“(p 231)

Maçães was de vergadering met de Duitse ambtenaren gestart met vier redenen waarom de EU een Euraziatisch perspectief en plan moest hebben: Rusland en China hebben er een; bijna alle vraagstukken en problemen waar we vandaag en de komende jaren mee te maken gaan hebben, situeren zich in het politiek, economisch en geografisch grensgebied tussen Europa en Azië; zowat alle oorlogen sinds 1815 hebben zich afgespeeld in betwiste grensgebieden tussen de twee continenten; en, last but not least, om de krachten van desintegratie in Europa zelf te bestrijden.

“The EU needs to become a stronger political agent, not in order to fulfil a moral or historical commandment, but in order to perform the tasks which the future will call for: to extend its influence outside its boundaries, manage the flows across the borderlands and work for a peaceful future in greater Eurasia.” (p 242)

BONUS1: Het interview met Maçães in de onvolprezen reeks Conversations with Tyler. In het interview (uit 2018) krijg je, zoals in het boek, een idee van de heel brede interesse en eruditie van Maçães.

Een beeld uit dat interview is blijven hangen sinds ik het las:

If it [Europa] stagnates, if it continues to stagnate, if people all over the world, if the tourists arriving from China suddenly are the ones filling up the restaurants in Paris, and young French men and women are serving them at the tables, this is not exactly the European dream, but it’s, of course, a very serious possibility now.

Over Georgië:

COWEN: Are there any countries on the western frontier of Russia that you would be bullish about?
MAÇÃES: I think, perhaps, Georgia. I don’t see the same destructive impetus coming from Moscow in relation to Georgia as it is in relation to Ukraine, probably because Georgia also didn’t attempt to become an anti-Russian bulwark on the borders of Europe.
I think they’ve been able to build an interesting experiment there of a country that is increasingly connected to Europe, not breaking with Russia, increasingly connected with China. For my book, it’s a very interesting country.

BONUS2: Maçães heeft een Substack. De meeste artikels zijn afgesloten voor niet-abonnees. Kost 40 dollar per jaar. Hij publiceert onregelmatig, tussen een en vier keer per maand. Op Twitter levert hij scherpe commentaren over de oorlog in Oekraïne.


Zaterdag quote

Though, for the economist, the goal of social betterment must be held ever in sight, his own special task is not to stand in the forefront of attack, but patiently behind the lines to prepare the armament of knowledge.

Arthur Cecil Pigou (1924). In Memoriam: Alfred Marshall, p 84

Tbilisi impressies

Indrukken van een kort verblijf in Tbilisi, de hoofdstad van Georgië:

  • Wikipedia noemt Georgië “a transcontinental country at the intersection of Eastern Europe and Western Asia“, maar alleszins in de hoofdstad vond ik weinig Aziatische invloeden. De Georgiërs die ik ontmoette, identificeren zich ook als Europees. (Ik ben The Dawn of Eurasia van Bruno Maçães beginnen herlezen om dat Europa-Azië verhaal te plaatsen; binnenkort verslag)
  • BNP per capita 5,042 dollar per capita, met een jaarlijkse groei van 5.2 procent tussen 2004 en 2022 (België 51,767; Griekenland: 20,277)
  • Tbilisi telt meer dan 1.1 miljoen inwoners, 30 procent van alle Georgiërs. Op straat in de stad zou je denken dat die bijna allemaal onder de dertig zijn. Nochtans is de bevolkingsstructuur van Georgië niet zo verschillend van die van België
  • Met behoorlijk wat opknapwerk, onder meer van de afbladderende houten balkons aan de gevels, kan Tbilisi een heel mooie stad worden
  • Gemiddelde temperatuur in oktober 20 graden
  • De stad stevent snel af op een verkeersinfarct
  • Weinig tekenen van extreme rijkdom, althans niet in de wijken waar ik rondwandelde. In Moskou bijvoorbeeld zie je regelmatig peperdure auto’s; in Tbilisi veel minder.
  • In de grote winkelstraten: vitrines van luxe- en betere merken en op de trotoirs nog veel straatverkopers
  • De keten Spar is alomtegenwoordig
  • Het kleine stukje platteland dat we zagen, leek arm. Veel huizen die half afgebouwd waren; overal auto- en vrachtwagenwrakken
  • Bij de aankomst in Tbilisi kregen we een flesje wijn van de douane! Georgiërs zijn terecht trots op hun wijn.
  • Maaltijden worden geserveerd in schotels die midden op tafel gezet worden. Vaste stek zijn khachapuri (brood gevuld met kaas), khinkali (dumplings; toch enige Aziatische invloed?), salades, met heerlijke tomaten telkens als hoofdingrediënt, stoofschotels. Massa’s walnoten. Heel lekker eten, waarin je alle ingrediënten proeft. Gênant grote hoeveelheden; de schotels blijven maar komen.
  • Op enkele plaatsen: banners met Slava Ukraine, Слава Україні. Veel Georgiërs zijn hevig anti-Rusland
  • We hoorden een relaas van voormalig politica en ambassadeur in Tsjechië Nino Nakashidze, nu Deputy Director General van het onfhankelijk tv-station Mtavari TV (baseline op hun website: Gain your freedom together with us), over gevallen van intimidatie, bedreigingen en geweld tegen journalisten

Zaterdag quote

The purposeless economy: Let us by all means continue to strive for, and to support, efforts to analyze the structure of the economy, and to seek consensus on means to make this structure more capable of allowing us, as individual participants, to further those separately defined objectives that we seek. Let us, however, guard against allowing intellectual confusion about what an economy is to offer, legitimatizing cover for the efforts of some persons and groups to impose their own purposes on others. Beware of those who pronounce on the economy’s purpose.

James Buchanan (1989). On the Structure of an Economy: A Re-Emphasis of Some Classical Foundations, p 11

Inflatie? Welke inflatie?

Terwijl heel Europa onder de inflatie zucht, kende Zwitserland, onverzettelijke-Galliërs-gewijs, in september een inflatie van 3.3 procent, tegenover 3.5 procent in september 2021.

Economist GianLuigi Mandruzzato van de EFG Bank verklaart dat door de lage afhankelijkheid van olie en gas. Minder dan 1 procent van de Zwitserse elektriciteit konmt van gas of olie; 58 procent van hydroelektriciteit en 34 procent van nucleair.

Volgens een andere onderzoeker, chief economist Henrique Schneider van de Zwitserse Federatie van KMO‘s en professor aan de Nordakademie universiteit in Duitsland, ligt de oorzaak dan weer bij het nefaste beleid van de Zwitserse centrale bank, die er onder meer niet in slaagde de Zwitserse franc te laten devalueren.

Dat beleid heeft wel degelijk invloed op de echte koopkracht van de Zwitsers. Door de negatieve rente verminderde de waarde van hun pensioenfondsen; huis- en huurpijzen stegen fors.

Inflatie, je krijgt er je hoofd niet rond! Zegt Scott Sumner over monetaire theorie en inflatie: “Before trying to teach students how monetary policy affects interest rates, we should start with something easier, like quantum mechanics.”


Zaterdag quote

This is why liberalism is an unintuitive political arrangement, and why it has always been necessary to make the case for it. Perfectionism and perfectionist ideas are in many ways much more natural. In fact, around the world, in every major civilization, some form of perfectionism represents the older, indigenous strain of political thinking. This may be because perfectionism takes the resources that we use to organize small-scale communities and attempts to scale them up, to apply them at the level of the nation-state. Liberalism, by contrast, has no correlates at the small-scale or community level, and so it is extremely non-obvious as a template for the organization of human society.

Joseph Heath (2020). The Machinery of Government. Public Administration and the Liberal State. p 115-116

Vrijdagse gevarieerde links

  • Carolyn Bertozzi, die deze week de Nobelprijs Chemie won samen met twee collega’s, krijgt felicitaties van Rage Against The Machine guitarist Tom Morello. Bertozzi en Morello zaten tijdens hun Harvard-tijd samen in een band, Bored Of Education, die in 1986 de Ivy League Battle of the Bands won. Bertozzi op de keyboards.
  • Tim Harford doet een poging om uit te leggen dat de huidige prijsstijgingen geen echte, echte inflatie zijn. “In Inflation World, inflation is a monetary phenomenon and needs a monetary response such as higher interest rates. In Energy Crunch World, the rise in prices needs a real-world response in the form of support for struggling households, and every effort to reduce demand and to find new sources of supply.”
  • Eén schilderij voor elk jaar van de 20ste eeuw.
  • Kunnen bedrijven en organisaties hun DNA en cultuur doorgeven naar andere bedrijven? Een studie (gated) vond dat stichters van bedrijven die daarna een ander bedrijf opstarten wel degelijk een stuk van de cultuur en praktijken kunnen overplanten. Auteur en Wharton professor innovatie en entrepreneurship Ethan Mollick ziet twee stambomen in Silicon Valley: The Traitorous Eight, die in 1957 hun toenmalige start-up verlieten om Fairchild Semiconductor op te richten, dat dan weer aan de basis lag van onder meer Intel. De PayPal Mafia is een groep ex-PayPal werknemers die aan de basis of verdere ontwikkeling liggen van onder meer Tesla, LinkedIn, SpaceX, YouTube en Yammer.
  • Voor een Master thesis project maakte de Britse designer Thomas Thwaites een toaster from scratch. Interview in The Prepared (via The Browser). Om zich voor te bereiden, gooide hij eerst de goedkoopste toaster die hij kon vinden (3.94 pond) uit elkaar en ging dan aan de slag om iets gelijkaardig in elkaar te steken zonder vooraf gemaakte onderdelen of materialen. Het eindresultaat – de foto is hilarisch – kostte negen maanden werk, van het maken van staal (mislukt) tot het delven van koper, en uiteindelijk 1,187.54 pond. Het idee voor The Toaster Project komt wellicht van het essay I, Pencil, van Leonard Read, waarin een eenvoudig potlood uitlegt welke kennis en materialen nodig zijn om een potlood te maken. “Not a single person on the face of this earth knows how to make me“.
  • De Conscience bibliotheek in Antwerpen selecteerde 6,000 boeken die door Google Books gedigitaliseerd zullen worden.
  • Het Bruegel onderzoeksintstituut heeft een dataset die de evolutie van de vraag naar gas van alle Europese landen trackt, onderverdeeld naar de vraag vanuit energie-opwekking, industrie en huishoudens. Voor België daalde de vraag naar gas met 14 procent in september 2022 vergeleken met september 2021: energie (-18 procent), industrie (-18), huishoudens (-10). Finland kon zijn gasvraag in dezelfde periode drukken met 53 procent; Frankrijk met maar 1 procent.

De vermaledijde markt

Twee fijne opiniestukjes over marktwerking, geschreven vanuit eenzelfde verontwaardiging, en die eigenlijk tot dezelfde conclusies komen:

Schrijver Jeroen Olyslaegers is een verstandig mens, die als een van de weinige Vlaamse intellectuelen boven het clandenken kan uitstijgen.

Begin september schreef hij in zijn vaste column in De Morgen een stuk onder de titel “Marktwerking“. (Foto op Facebook)

“De markt prefereert aandeelhouders in plaats van mensen, cijfers in plaats van samenleving. …
Sinds de jaren tachtig hebt ge die steeds driestere zever over de marktwerking mogen aanhoren met alleen maar protest in de marge.”

Het klinkt goed, Jeroen; het ontlokt goedkeurend gebrom bij de achterban (“Boenk erop” was een van de commentaren; “Smeerlappen zijn het, allemaal. Geldzuchtige maffia” een andere), en de ontreddering is heel begrijpelijk. Maar het is niet waar.

Het is niet zo dat “de markt” aandeelhouders prefereert. Sommige aandeelhouders zullen aandeelhouders prefereren, dat wel. “Sinds de jaren tachtig“? De historicus die gij zijt, moet toch beter weten. We doen al aan markt sinds enkele eeuwen voor Christus. Eerst in het klein, toen we discussieerden of mijn bever twee konijnen waard was of drie; dan op steeds grotere schaal: The Company of Strangers.

Markten werken met cijfers, ja. Dat vergemakkelijkt de bever-konijn discussie. Maar ze prefereren en vereisen zelfs vriendschap en vertrouwen om goed te kunnen werken: The Bourgeois Virtues.

De markt is geen instantie die ons leven dicteert. Ze is een resultante van miljoenen beslissingen die leiden tot een instelling die niemand bedacht heeft en die als vanzelf werkt. Als gij, Jeroen, op een zaterdag besluit een nieuw wit hemd te gaan kopen, dan ligt dat hemd, waar tientallen mensen aan gewerkt hebben, pasklaar voor jou in de winkel. Dat is de markt. Het is een wonder en het werkt. Meestal.

… alleen maar protest in de marge“. Dat is ook niet waar, Jeroen. De hoofdstroom onder intelligentsia zoals gijzelf is, al sinds het einde van de 19de eeuw, anti-markt. Ge preekt omwille van het applaus bij de clan, en dat is een val waarin ge niet zou mogen trappen. Noem mij één intellectueel of opiniemaker die gij waardeert en die pro-markt is.

Hier is er alvast een. Comedian Michael Van Peel, die ook zijn taak als publiek intellectueel ter harte neemt, schreef op dezelfde dag als Jeroen Olyslaegers een column onder de titel “Het sprookje van de vrije markt“.

Van Peel schrijft vanuit dezelfde verontwaardiging en komt eigenlijk tot dezelfde conclusie. Maar hij demoniseert de markt niet en legt geduldig, voor de zoveelste keer sinds Adam Smith, uit hoe ze werkt, en soms niet werkt, en wat we dan daaraan kunnen doen.

“Dit (de hoge energieprijzen) is precies het omgekeerde van een vrije markt.
Dit is een voorbeeld van een oligopolie met maar twee aanbieders die in dat geval inderdaad de prijs kunnen vragen die zij willen aan de vele vragers met hongerige magen zonder alternatief. In een echte vrije markt zou Sofie haar prijs 1 cent onder die van André laten zakken en hem uit de markt prijzen om zijn marktaandeel in te nemen. André gaat failliet, Sofie heeft een monopolie en kan haar prijzen nog opdrijven. De grote overwinsten trekken intussen een hoop nieuwe producenten aan. Die komen op de markt waardoor de prijs zakt (ze passen onderling dezelfde tactiek toe als Sofie bij André) tot er een evenwicht gevonden wordt tussen aanbod en vraag. Dàt is de marktprijs.”

“Boenk erop” vind ik dat.

Er is, zo blijkt in deze crisis, wel degelijk ruimte voor overheidsoptreden wanneer de markt ontspoort of niet naar behoren werkt. Dat geldt zeker voor strategische publieke diensten onderwijs, openbaar vervoer, gezondheidszorg of energie.

Maar laat ons voorzichtig blijven. De markt heeft automatische feedbackloops, die door een hogere intelligentie lijken bedacht te zijn, maar die in realiteit vanzelf werken en redelijk snel.

De overheid, op wiens goedaardige intelligentie we nu rekenen om de verondersteld kwaadaardige intelligentie van de markt te counteren, dat zijn individuen. Zijn we er gerust in dat goedaardigheid hun enige drijfveer is? Hoe intelligent zijn ze? In een verschrikkelijk complexe materie als deze energiecrisis is de kans op vergissingen en onbedoelde neveneffecten groot. Dat is menselijk. Maar de feedbackloop na vergissingen, als die er al is, werkt hier minder snel en trefzeker dan in de markt.

In complexe tijden zoals deze is het ontzettend moeilijk om als overheid een evenwicht te vinden tussen wat je nog wel aan de markt kan toevertrouwen en wat je zelf kan en mag doen. Of laten! Het is een weinig benijdenswaardige taak.

Opiniemakers hebben dan vanop de zijlijn twee keuzes: de complexiteit vereenvoudigen en de volkse verontwaardiging mennen om beleidsmakers aan te sporen “iets” te doen; of de complexiteit proberen te duiden om beleidsmakers aan te manen tot uiterste voorzichtigheid en terughoudendheid.

Misschien hebben we beide nodig?

ADDENDUM: Koop en lees natuurlijk allemaal het nieuwe boek van Jeroen, Willem en mijn wellust.